ECLI:NL:PHR:2009:BK0952
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Onbegrijpelijke toerekening van het gehele wederrechtelijk verkregen voordeel bij medeplegen hennepkwekerij
In deze zaak is betrokkene veroordeeld wegens medeplegen van het runnen van een hennepkwekerij en diefstal van elektriciteit. Het hof heeft het gehele wederrechtelijk verkregen voordeel aan haar toegerekend zonder nadere motivering, ondanks dat uit haar eigen verklaringen blijkt dat zij slechts de ruimte beschikbaar stelde en beperkte werkzaamheden verrichtte.
De veroordeelde verklaarde dat zij de inrichting van de kwekerij had uitbesteed aan onbekende derden en slechts een deel van de opbrengst had ontvangen. Het hof baseerde zich op een berekening van een politieambtenaar en verwierp de wisselende verklaringen van de veroordeelde, maar motiveerde niet waarom het gehele voordeel aan haar zou toekomen.
De Hoge Raad oordeelt dat het ontbreken van een motivering voor de volledige toerekening onbegrijpelijk is, mede omdat het bewezenverklaarde medeplegen en de verklaringen van de veroordeelde wijzen op een gedeeld voordeel. De zaak wordt vernietigd en verwezen voor een nieuwe beslissing met een juiste motivering over de toerekening van het voordeel.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onbegrijpelijke toerekening van het gehele wederrechtelijk verkregen voordeel aan de veroordeelde.