ECLI:NL:PHR:2009:BK3063
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansprakelijkheid en schade bij te late opzegging pachtovereenkomst door advocaat
Eiser kocht in 1975 een perceel agrarische grond dat vrij van pacht zou zijn, maar later bleek dat er een lopende pachtovereenkomst was. Eiser gaf verweerster, een advocaat, opdracht om de pachtovereenkomst op te zeggen. Door te late opzegging werd de pacht verlengd tot 1994. Verweerster erkende aansprakelijkheid voor de te late opzegging.
Eiser vorderde schadevergoeding voor het verlies van gebruiksmogelijkheden van het perceel voor bloembollenteelt. Deskundigenrapporten verschilden over de geschiktheid van de grond voor bollenteelt in de relevante periode. De rechtbank en het hof oordeelden dat de grond niet geschikt was voor bollenteelt en dat de schade berekend moest worden op basis van gederfde huurinkomsten.
In cassatie stelde eiser dat het hof ten onrechte het deskundigenrapport van de rechtbank had gevolgd en onvoldoende rekening had gehouden met zijn eigen deskundigenrapporten. De Hoge Raad oordeelde dat het hof voldoende gemotiveerd had waarom het rapport van de door de rechtbank benoemde deskundigen zwaarder woog, mede omdat deze het perceel hadden bezocht en rekening hadden gehouden met het gebruik van de grond na 1994.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de schadevergoeding terecht was vastgesteld op basis van gederfde huur, niet op basis van bollenteelt. Ook werd geoordeeld dat eiser niet verplicht was om elders grond te huren om schade te beperken.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof wordt bekrachtigd waarbij de schadevergoeding is vastgesteld op basis van gederfde huur.