ECLI:NL:PHR:2009:BK3076
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geen bewijs van totstandkoming overeenkomst tussen eiser en verweerder in privé
In deze zaak stond centraal of tussen eiser en verweerder in privé een overeenkomst tot stand is gekomen. Het hof 's-Hertogenbosch oordeelde dat eiser onvoldoende bewijs had geleverd voor het bestaan van een dergelijke overeenkomst. Dit oordeel werd door de Hoge Raad bevestigd, waarbij werd benadrukt dat het ontbreken van bewijsvoering betekent dat aan bewijs niet toegekomen wordt.
Eiser voerde meerdere middelen aan, waaronder dat verweerder zich niet als statutair directeur van Het Bastion B.V. zou hebben gepresenteerd en dat de bewijslast onjuist was verdeeld. Deze klachten werden ongegrond verklaard. Ook het feit dat eiser verweerder naast Het Bastion B.V. als tweede gedaagde wilde dagvaarden, deed niet af aan het oordeel dat de dagvaarding uitging van Het Bastion B.V. als partij bij de overeenkomst.
Daarnaast werd een middel verworpen dat stelde dat het arrest en het proces-verbaal niet ondertekend waren, hetgeen nietigheid zou meebrengen. De Hoge Raad verwees naar eerdere jurisprudentie die dit standpunt weerlegt. Het cassatieberoep werd verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens onvoldoende bewijs van totstandkoming van een overeenkomst tussen eiser en verweerder in privé.