ECLI:NL:PHR:2010:BJ9897
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van ordemaatregel en verweren inzake aanwezigheid kernwapens en nucleaire systeemmisdaad
In deze zaak is door het gerechtshof te 's-Hertogenbosch een verdachte veroordeeld wegens beschadiging van F-16 vliegtuigen en vernieling van een hangarraam, met een straf van zes maanden gevangenisstraf. Tijdens de terechtzitting werd de raadsman van verdachte meerdere malen gewaarschuwd en uiteindelijk het woord ontnomen vanwege ongepaste uitlatingen jegens de rechterlijke macht en het openbaar ministerie, wat een ordemaatregel betrof waartegen geen cassatieberoep openstaat.
De verdediging voerde diverse verweren aan, waaronder dat het enkele voorhanden hebben van kernwapens, met name B-61 atoombommen, in strijd zou zijn met verdragen en volkenrecht, en dat de Nederlandse staat zich schuldig maakt aan een nucleaire systeemmisdaad. Het hof oordeelde dat geen Nederlands recht of internationaal recht zich verzet tegen de aanwezigheid van kernwapens op Nederlands grondgebied en dat het oordeel over de rechtmatigheid van plannen en voorbereidingen voor kernwapengebruik afhankelijk is van concrete omstandigheden die nu niet voorspelbaar zijn.
De Hoge Raad bevestigt dat de ordemaatregel van de voorzitter om het woord te ontnemen niet cassabel is en dat het cassatieberoep daarom voor dat deel niet-ontvankelijk is. Verder oordeelt de Hoge Raad dat het hof de verweren van de verdediging begrijpelijk heeft weergegeven en dat de middelen die dit betwisten falen. Klachten over wrakingsbeslissingen zijn niet ontvankelijk en klachten over partijdigheid van rechters zijn ongegrond. Het beroep wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige verworpen, waarbij de veroordeling en ordemaatregel worden bevestigd.