ECLI:NL:PHR:2010:BK4454
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vordering ISD-maatregel bij voorlopige hechtenis en Richtlijn strafvordering veelplegers
In deze zaak heeft het gerechtshof te 's-Hertogenbosch verzoeker veroordeeld voor diefstal en de ISD-maatregel opgelegd voor twee jaren. Verzoeker stelde in cassatie dat de vordering van het Openbaar Ministerie tot oplegging van deze maatregel in strijd was met de Richtlijn voor strafvordering bij meerderjarige zeer actieve veelplegers, omdat de maatregel alleen kon worden gevorderd indien de verdachte in voorlopige hechtenis was gesteld voor het betreffende misdrijf.
De advocaat-generaal onderzocht de oude en nieuwe Richtlijn en concludeerde dat de eis van voorlopige hechtenis niet van principiële aard was, maar vooral praktisch van betekenis. De nieuwe Richtlijn, die in 2009 in werking trad, liet de eis van voorlopige hechtenis zelfs vervallen. De conclusie was dat de vordering van de ISD-maatregel ook kon worden gedaan indien de verdachte zich in voorlopige hechtenis bevond voor een ander misdrijf.
De Hoge Raad bevestigde dat de eis van voorlopige hechtenis in de oude Richtlijn niet beperkt was tot het misdrijf waarvoor de ISD werd gevorderd, maar dat het voldoende was dat de verdachte zich in voorlopige hechtenis bevond. Dit was in casu het geval, omdat verzoeker weliswaar niet in voorlopige hechtenis was voor het misdrijf waarvoor de ISD werd gevorderd, maar wel voor een ander misdrijf. Het cassatiemiddel faalde daarom en het beroep werd verworpen.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt verworpen en de oplegging van de ISD-maatregel blijft in stand.