ECLI:NL:PHR:2010:BK9254
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Cassatie over bewijs en medeplegen bij meervoudige verkrachting en diefstal op Sint Maarten
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba, waarin verdachte werd veroordeeld tot negen jaar gevangenisstraf voor medeplegen van meervoudige verkrachting en diefstal met geweld op 9 september 2007 op Sint Maarten.
Het cassatieberoep richtte zich vooral op de bewijsvoering omtrent het medeplegen van verkrachting. Verdediging stelde dat de bewijsmiddelen tegenstrijdig waren, met name over de aanwezigheid van verdachte tijdens de verkrachting en het hoofddeksel dat hij droeg. De Hoge Raad oordeelde dat de vermeende tegenstrijdigheden van ondergeschikte betekenis waren en dat een kennelijke misslag in de weergave van een verklaring van verdachte kon worden hersteld, waardoor de klacht faalde.
Daarnaast werd een middel verworpen dat stelde dat een verklaring van een medeverdachte slechts een mening of gissing bevatte. De Hoge Raad las deze verklaring in de context en concludeerde dat deze wel degelijk toereikend was voor bewijs van medeplegen.
De Hoge Raad vond geen reden om het vonnis te vernietigen en verwierp het cassatieberoep, waarmee de veroordeling van negen jaar gevangenisstraf in stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de negenjarige gevangenisstraf wegens medeplegen van meervoudige verkrachting en diefstal met geweld.