ECLI:NL:PHR:2010:BL0009
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat zelfstandig verzoek tot wijziging kinderalimentatie niet in hoger beroep kan worden ingediend
De zaak betreft een geschil tussen ex-partners over de wijziging van kinderalimentatie. De vrouw had bij de rechtbank een verzoek ingediend tot verhoging van de kinderalimentatie en partneralimentatie, dat deels werd toegewezen. De man kwam hiertegen in hoger beroep met een verzoek tot nihilstelling van de kinderalimentatie vanaf een bepaalde datum, hetgeen door het hof werd toegewezen.
De vrouw stelde cassatie in tegen het arrest van het hof, stellende dat het hof ten onrechte het zelfstandig verzoek van de man tot nihilstelling van de alimentatie in hoger beroep had behandeld, terwijl dit volgens art. 362 Rv Pro. niet mogelijk is. De Hoge Raad bevestigde dit en oordeelde dat het hof dit verzoek buiten behandeling had moeten laten. Tevens werd geoordeeld dat het hof de stelplicht van de vrouw omtrent vermeende zwarte inkomsten van de man terecht als onvoldoende onderbouwd had beoordeeld.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak terug voor verdere behandeling. De uitspraak benadrukt het belang van de procesregels omtrent wijziging van alimentatie en de bewijslastverdeling bij vermoedens van niet opgegeven inkomsten.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onjuiste behandeling van het zelfstandig verzoek tot nihilstelling van kinderalimentatie, en de zaak wordt verwezen voor verdere behandeling.