ECLI:NL:PHR:2010:BL3233
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing pseudo-koop in zaak mobiele telefoon zonder bevel officier van justitie
In deze jeugdzaak ging het om de vraag of er sprake was van een pseudo-koop van een mobiele telefoon zonder schriftelijk bevel van de officier van justitie, zoals vereist in artikel 126i van het Wetboek van Strafvordering. De verdachte bood een gestolen Samsung-telefoon te koop aan, waarna een derde, in overleg met het slachtoffer, een afspraak maakte om het IMEI-nummer te controleren. Pas daarna werd de politie betrokken, die zich voordeed als de zus van de potentiële koper en de verdachte aanhield.
Het hof stelde vast dat het initiatief tot de verkoop van de telefoon van de verdachte uitging en dat de politie pas bij de zaak betrokken werd nadat een concrete afspraak was gemaakt. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het middel dat stelde dat er sprake was van een pseudo-koop door de politie, omdat het bewijs niet gebaseerd was op de beweerde pseudo-koop en het OM ontvankelijk was.
De Hoge Raad benadrukte dat pseudo-koop een bijzondere opsporingsbevoegdheid is die schriftelijk moet worden bevolen door de officier van justitie en dat het ontbreken van een dergelijk bevel in dit geval niet leidde tot niet-ontvankelijkheid of bewijsuitsluiting. De verdachte werd veroordeeld tot een taakstraf, en het beroep in cassatie werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot taakstraf blijft in stand.