ECLI:NL:PHR:2010:BM1679
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep inzake tenuitvoerlegging Russische arbitrale vonnissen
Yukos Capital verzocht om tenuitvoerlegging in Nederland van vier Russische arbitrale vonnissen die door de Russische burgerlijke rechter vernietigd waren. Rosneft verzette zich en stelde dat de vernietigingsbeslissingen erkend moesten worden. Het hof Amsterdam verleende echter alsnog verlof tot tenuitvoerlegging, oordelend dat de Russische vernietigingsbeslissingen niet erkend konden worden vanwege partijdigheid.
Rosneft ging in cassatie tegen het hof, maar Yukos Capital stelde dat Rosneft niet-ontvankelijk moest worden verklaard op grond van het Verdrag van New York en de Nederlandse procesregels die een rechtsmiddelenverbod in de exequaturprocedure voor buitenlandse arbitrale vonnissen kennen. Rosneft voerde onder meer aan dat dit verbod in strijd was met het EVRM-recht op een eerlijk proces.
De Hoge Raad oordeelde dat het rechtsmiddelenverbod voortvloeit uit art. III van het Verdrag van New York in samenhang met art. 1062 lid 4 jo Pro. 1064 lid 1 Rv en dat Rosneft daarom in cassatie niet-ontvankelijk is. Het verbod is niet in strijd met art. 6 EVRM Pro, mede omdat Rosneft in Rusland al het rechtsmiddel tot vernietiging had benut. Het voorwaardelijk ingestelde incidentele cassatieberoep bleef buiten behandeling.
Uitkomst: Rosneft is niet-ontvankelijk verklaard in haar cassatieberoep tegen de beschikking tot tenuitvoerlegging van Russische arbitrale vonnissen.