ECLI:NL:PHR:2010:BM4424

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
21 december 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/04595
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 435 SvArt. 437 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet tijdig indienen middelen van cassatie

De verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar, wegens medeplegen van het opzettelijk onjuist doen van belastingaangiften en het niet voeren en bewaren van administratie zoals vereist volgens de belastingwet.

Namens de verdachte is cassatie ingesteld door advocaat mr. J.W. Verhoef. De aanzegging van het cassatieberoep is rechtsgeldig op 17 november 2008 uitgereikt aan een huisgenoot van de verdachte. De wettelijke termijn van twee maanden voor het indienen van schriftuur houdende middelen van cassatie verstreek op 16 januari 2009.

Omdat de verdachte niet binnen deze termijn schriftuur houdende middelen van cassatie heeft ingediend, kan hij niet in het cassatieberoep worden ontvangen op grond van artikel 437, tweede lid, Sv. De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad is dan ook dat de verdachte niet-ontvankelijk verklaard moet worden in het cassatieberoep.

Deze beslissing betreft een samenhangend dossier met meerdere verdachten, waarbij in alle zaken dezelfde conclusie wordt getrokken.

Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van middelen van cassatie.

Conclusie

Nr. 08/04595
Mr. Machielse
Zitting 11 mei 2010
Conclusie inzake:
[Verdachte 5](1)
1. De verdachte is door het Gerechtshof te 's-Gravenhage, zitting houdende te 's-Hertogenbosch, bij arrest van 29 februari 2008 wegens 1. 'Medeplegen van opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven', 2. en 3. telkens 'Medeplegen van opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist doen, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd' en 4. I 'Medeplegen van opzettelijk als degene die ingevolge de Belastingwet verplicht is tot het voeren van een administratie overeenkomstig de daaraan bij of krachtens de belastingwet gestelde eisen, zodanige administratie niet voeren, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven' en II 'medeplegen van opzettelijk als degene die ingevolge de Belastingwet verplicht is tot het bewaren van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers, deze niet bewaren, terwijl het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven, meermalen gepleegd' veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.
2. Mr. J.W. Verhoef, advocaat te Uithoorn, heeft cassatie ingesteld.
3. De aanzegging als bedoeld in art. 435 Sv Pro is op 17 november 2008 rechtsgeldig uitgereikt aan een huisgenoot van de verdachte. De door het tweede lid van art. 437 Sv Pro gestelde termijn van twee maanden verstreek op 16 januari 2009. Namens de verdachte is geen schriftuur houdende middelen van cassatie ingediend.
4. Nu de verdachte niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad door een raadsman een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft doen indienen, kan de verdachte ingevolge artikel 437, tweede lid, Sv niet in het cassatieberoep worden ontvangen.
5. Deze conclusie strekt ertoe dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het cassatieberoep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
1 Er bestaat samenhang tussen de zaken met de nummers 08/04595 ([verdachte 5]), 08/04444 ([verdachte 1]), 08/04591 ([verdachte 4]), 08/04597 ([verdachte 3]), 08/04588 ([verdachte 2]) en 08/04583 ([verdachte 6]). In alle zaken zal ik vandaag concluderen.