ECLI:NL:PHR:2010:BM5077
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens belaging met oogmerk tot dwingen en schending privacy
Het gerechtshof te Leeuwarden heeft verdachte veroordeeld wegens belaging tot een voorwaardelijke gevangenisstraf en een werkstraf, met de bijzondere voorwaarde geen contact op te nemen met het slachtoffer. Verdachte verzette zich tegen het oordeel dat hij handelde met het vereiste oogmerk om het slachtoffer te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden of vrees aan te jagen.
De Hoge Raad overwoog dat de strafbepaling twee vormen van opzet vereist: het opzettelijk maken van inbreuk en het oogmerk om het slachtoffer te dwingen. Het hof had terecht geoordeeld dat uit de gedragingen van verdachte, waaronder het verspreiden van informatie over vermeende geestelijke stoornissen van het slachtoffer en het herhaaldelijk benaderen en bedreigen van het slachtoffer, het vereiste oogmerk blijkt.
Het verzoek van verdachte om het slachtoffer als getuige te horen werd door het hof afgewezen omdat de verklaring van het slachtoffer niet cruciaal was en de verdediging vooral interpretatieverschillen wilde ophelderen. De Hoge Raad vond deze afwijzing begrijpelijk en zag geen reden tot vernietiging. Beide middelen van cassatie werden verworpen en het beroep afgewezen.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt veroordeling wegens belaging met het vereiste oogmerk tot dwingen en wijst cassatieberoep af.