ECLI:NL:PHR:2010:BM5078
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens ontbreken inhoud bewijsmiddelen bij profijtontneming
Het gerechtshof te 's-Hertogenbosch had bij arrest van 25 juli 2008 de verplichting opgelegd aan verzoeker om een bedrag van € 80.000 aan de Staat te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel. Verzoeker stelde cassatie in met het middel dat het hof het gebrekkige vonnis van de rechtbank te Breda bevestigde zonder de inhoud van de bewijsmiddelen te vermelden waarop de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel was gebaseerd.
De Procureur-Generaal bij de Hoge Raad stelt dat ingevolge artikel 511g, tweede lid, Sv in verbinding met artikel 415 Sv Pro en artikel 359, derde lid, Sv de uitspraak op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel op straffe van nietigheid de inhoud moet bevatten van de bewijsmiddelen waarop de schatting is gebaseerd. De door het hof bevestigde beslissing voldoet hier niet aan, omdat weliswaar verwezen is naar het proces-verbaal van de politie, maar de relevante inhoud daarvan niet is opgenomen.
Hoewel het hof een 'Aanvulling bewijsmiddelen' heeft opgemaakt, bevat deze geen bewijsmiddelen waaraan de schatting kan worden ontleend, maar slechts een opgave van bewijsmiddelen met hun vindplaats. Het middel slaagt derhalve en de conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en terugwijzing naar het hof voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting wegens ontbreken van inhoudelijke motivering van bewijsmiddelen.