ECLI:NL:PHR:2010:BM5710
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geen aansprakelijkheid gemeente wegens weigering medewerking wijziging bestemming op grond van provinciaal beleid
In deze zaak vorderen eisers een verklaring voor recht dat de gemeente onrechtmatig jegens hen heeft gehandeld door te weigeren mee te werken aan een wijziging van het bestemmingsplan die uitbreiding van hun tuincentrum mogelijk zou maken. De weigering was gebaseerd op provinciaal beleid neergelegd in een nota van Provinciale Staten, die afweek van het vigerende streekplan.
De Hoge Raad onderzoekt of deze provinciale nota als recht in de zin van art. 79 RO Pro kan worden aangemerkt. De Raad oordeelt dat de nota niet gelijkgesteld kan worden aan een streekplan en niet voldoet aan de criteria van behoorlijk bekendgemaakte beleidsregels die als recht gelden. De nota regelt niet de uitoefening van eigen bevoegdheden van het bestuursorgaan dat haar heeft vastgesteld en is niet op een wijze bekendgemaakt die voldoende rechtskracht geeft.
Daarnaast bevestigt de Hoge Raad dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de gemeente niet onrechtmatig heeft gehandeld door te weigeren mee te werken aan de planwijziging, omdat de provinciale norm van maximaal 10 hectare bedrijfsterrein binnen tien jaar nog niet was overschreden en de gemeente geen ruimte had om daarvan af te wijken. Ook is geoordeeld dat eventuele onjuiste mededelingen niet tot toewijzing van de vordering konden leiden vanwege het ontbreken van causaal verband en andere bezwaren zoals stedenbouwkundige aspecten en financiële positie van eisers.
De Hoge Raad verwerpt de klachten van eisers en bekrachtigt het arrest van het hof.
Uitkomst: Hoge Raad bekrachtigt het arrest van het hof en oordeelt dat de gemeente niet onrechtmatig heeft gehandeld door medewerking aan wijziging bestemmingsplan te weigeren op grond van provinciaal beleid.