ECLI:NL:PHR:2010:BM6650
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herziening wegens onbetrouwbare geuridentificatieproef bij diefstalzaak
Op 12 juli 2004 vond een diefstal plaats waarbij twee mannen zich voordeden als controleurs en een slachtoffer geld ontvreemdden. De verdachte werd door het Hof Arnhem veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf voor verschillende feiten, waaronder diefstal door meerdere personen.
De herzieningsaanvraag richtte zich op de geuridentificatieproef die als bewijs werd gebruikt. Uit intern onderzoek bleek dat tussen september 1997 en maart 2006 geurproeven door de geurhondendienst niet volgens protocol werden uitgevoerd, waardoor de betrouwbaarheid van deze proeven ernstig in twijfel werd getrokken.
De Hoge Raad oordeelde dat het resultaat van de geuridentificatieproef niet als betrouwbaar bewijs kan gelden en dat zonder dit bewijs het Hof waarschijnlijk tot vrijspraak zou zijn gekomen. Daarom werd de herzieningsaanvraag voor het primaire feit van diefstal door meerdere personen gegrond verklaard.
De zaak wordt terugverwezen naar het gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde berechting, waarbij de eerdere veroordeling wordt opgeschort of geschorst. Voor de overige feiten werd de aanvraag ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de herzieningsaanvraag gegrond en verwijst de zaak voor hernieuwde berechting naar het gerechtshof.