ECLI:NL:PHR:2010:BM8037
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van straftoemeting bij rijden onder invloed met onvoorwaardelijke rijontzegging
De zaak betreft een cassatieberoep tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem waarin verzoeker werd veroordeeld voor rijden onder invloed. Het hof legde een geldboete van €650 en een onvoorwaardelijke rijontzegging van zes maanden op. Verzoeker stelde in hoger beroep dat hij een geheel voorwaardelijke rijontzegging verdiende, onderbouwd met persoonlijke omstandigheden zoals zijn lage inkomen en bedrijf in rouwkaarten.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de strafoplegging voldoende heeft gemotiveerd en binnen zijn straftoemetingsvrijheid is gebleven door het standpunt van verzoeker te verwerpen. Het hof vond de aangevoerde feiten en omstandigheden onvoldoende zwaarwegend om af te wijken van de onvoorwaardelijke rijontzegging. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om het arrest te vernietigen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal luidt dat het cassatiemiddel ongegrond is en het beroep moet worden verworpen. Er zijn geen ambtshalve gronden voor vernietiging aangetroffen. Daarmee blijft de strafoplegging van het hof in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de onvoorwaardelijke rijontzegging en geldboete blijven gehandhaafd.