ECLI:NL:PHR:2010:BM9401
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt verbod op telen hennep ondanks beroep op godsdienstvrijheid
Verdachte werd door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld wegens het opzettelijk telen van meer dan 30 gram hennep in een pand te Amsterdam. Verdachte voerde in hoger beroep aan dat het gebruik van hennep een onderdeel was van zijn godsdienstbeleving binnen "Our Church" en dat het verbod op hennepteelt in strijd was met zijn vrijheid van godsdienst zoals beschermd door artikel 9 EVRM Pro.
Het Hof verwierp dit verweer en oordeelde dat het verbod op hennepteelt een noodzakelijke beperking is in het belang van de volksgezondheid en de samenleving, conform de doelstelling van de Opiumwet. De Hoge Raad bevestigde deze overwegingen en stelde dat het concrete gebruik van hennep door verdachte geen reden kan zijn om het verbod buiten toepassing te laten.
De Hoge Raad benadrukte dat de Opiumwet, mede ter uitvoering van internationale verdragsverplichtingen, middelen zoals hennep verbiedt vanwege de risico's voor gezondheid en samenleving. Het beroep op godsdienstvrijheid werd daarom verworpen en het vonnis van het Hof bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigde de veroordeling van verdachte voor het opzettelijk telen van hennep en verwierp het beroep op godsdienstvrijheid.