ECLI:NL:PHR:2010:BM9603
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep tegen beslissing op wrakingsverzoek wegens rechtsmiddelenverbod
De zaak betreft een cassatieberoep ingesteld door verzoeker tegen een beslissing van de wrakingskamer van de rechtbank Zutphen, die het wrakingsverzoek van verzoeker tegen een vice-president van die rechtbank niet-ontvankelijk verklaarde wegens te late indiening.
Het cassatieberoep richt zich uitsluitend tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De Hoge Raad overweegt dat op grond van artikel 39 lid 5 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) geen rechtsmiddel openstaat tegen beslissingen op wrakingsverzoeken, tenzij sprake is van een doorbrekingsgrond.
Hoewel jurisprudentie en literatuur doorbrekingsgronden erkennen, bevat het cassatiemiddel geen klachten die een dergelijke doorbreking rechtvaardigen. Daarnaast staat artikel 78 lid 5 van Pro het Wetboek van Procesrecht (RO) in de weg dat verzoeker zich tot de appelrechter had moeten wenden.
Daarom wordt het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het rechtsmiddelenverbod tegen beslissingen op wrakingsverzoeken.