ECLI:NL:PHR:2010:BN0634
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bepaling aftrek omzetbelasting bij gemengd gebruik kantoorpand voor belaste en vrijgestelde prestaties
Belanghebbende exploiteert een kantoor dat deels wordt gebruikt voor belaste makelaarsactiviteiten en deels voor vrijgestelde assurantieactiviteiten. Voor de aftrek van omzetbelasting op het pand heeft belanghebbende de exclusief gebruikte ruimten toegerekend op basis van vloeroppervlakte en het gemengd gebruikte deel naar rato van de omzetverhouding verdeeld.
De Inspecteur stelde dat aftrek uitsluitend op basis van de omzetverhouding moest worden berekend omdat het werkelijk gebruik van het gehele pand niet objectief en nauwkeurig kon worden vastgesteld. Rechtbank Arnhem volgde dit standpunt en wees de berekening van belanghebbende af. Het Hof Arnhem oordeelde echter dat belanghebbende aannemelijk had gemaakt dat het werkelijk gebruik van het pand als geheel niet overeenkomt met de omzetverhouding, en sanctioneerde de door belanghebbende gehanteerde methode.
De Staatssecretaris stelde cassatie in tegen het oordeel van het Hof. De Hoge Raad concludeert dat een mix van pro rata methodes niet is toegestaan en dat het Hof onvoldoende gemotiveerd heeft waarom de gehanteerde methode objectief en nauwkeurig het werkelijk gebruik vaststelt, vooral gezien het grote aandeel (54,7%) van het pand dat gemengd wordt gebruikt. Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de Staatssecretaris wordt gegrond verklaard vanwege onvoldoende motivering van de objectieve en nauwkeurige vaststelling van het werkelijk gebruik bij gemengd gebruik van het pand.