ECLI:NL:PHR:2010:BN4296
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest hof wegens onbegrijpelijke afwijzing getuigenverzoek in diefstalzaak
Verdachte werd door het hof veroordeeld voor diefstal van meerdere sloten en deurkrukken uit een winkel op 1 mei 2008. De bewezenverklaring was gebaseerd op de verklaring van de beveiliger (aangever) en het proces-verbaal van aanhouding, waarin verdachte bekende de goederen zonder af te rekenen te hebben meegenomen.
De verdediging voerde aan dat verdachte de goederen in zijn zak en rugzak had gestopt omdat er geen winkelmandjes beschikbaar waren en dat hij werd aangesproken door een beveiliger voordat hij de kassa passeerde. Videobeelden van beveiligingscamera's werden door de verdediging aangevoerd om deze verklaring te ondersteunen en de verklaring van de aangever te betwisten.
Het hof verwierp het getuigenverzoek om de aangever te horen en baseerde zijn bewezenverklaring op diens verklaring dat verdachte zonder te betalen de kassa was gepasseerd. De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet zonder meer begrijpelijk heeft gemotiveerd waarom het getuigenverzoek werd afgewezen, terwijl de videobeelden een andere gang van zaken lieten zien dan de verklaring van de aangever.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor een nieuwe beoordeling waarbij het getuigenverzoek in acht wordt genomen. Er is geen aanleiding voor ambtshalve vernietiging door de Hoge Raad zelf.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onbegrijpelijke afwijzing van het getuigenverzoek en de zaak wordt terugverwezen.