ECLI:NL:PHR:2010:BN6118
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verwerpt cassatie in geschil over ontvreemding binnen Coral Real Estate Development N.V.
Verzoekster was gedurende haar huwelijk enig aandeelhoudster en directrice van Coral Real Estate Development N.V. (CERD). Na haar echtscheiding werd haar ex-echtgenoot enig aandeelhouder en directeur. Verzoekster startte een procedure tegen CERD voor betaling van een rekening-courantvordering, terwijl CERD een reconventionele vordering instelde wegens onrechtmatige ontvreemding van gelden door verzoekster.
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (GHvJ) wees de reconventionele vordering in eerste aanleg af, maar in hoger beroep oordeelde het hof dat verzoekster wel ontvreemdingen had gepleegd gerelateerd aan bonnen op naam van derden, en veroordeelde haar tot betaling van NAfl. 52.706,- aan CERD. De ontvreemding van NAfl. 100.000,- werd niet bewezen geacht.
Verzoekster stelde in cassatie dat het hof onterecht de vermeerdering van eis bij pleidooi had toegelaten en dat het oordeel van het hof onvoldoende was gemotiveerd, met name over de ontvreemding gerelateerd aan de bonnen. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten faalden vanwege gebrek aan feitelijke grondslag en voldoende motivering door het hof, en dat verzoekster geen nieuw bewijs had ingebracht om de deskundigenconclusies te weerleggen.
De Hoge Raad concludeert dat het cassatieberoep ongegrond is en bevestigt het oordeel van het hof dat verzoekster aansprakelijk is voor de ontvreemding van gelden ten bedrage van NAfl. 52.706,-.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de aansprakelijkheid van verzoekster voor ontvreemding van NAfl. 52.706,-.