ECLI:NL:PHR:2010:BO1713
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt bewezenverklaring bezit kinderpornografische afbeelding wegens onvoldoende motivering
De zaak betreft een verdachte die door het hof was veroordeeld voor het bezit van een kinderpornografische afbeelding op een laptop, waarop een filmfile stond van een 15 à 16-jarige jongen die zich masturbeert. De laptop was in beslag genomen in de woning van de verdachte, die verklaarde veel porno te hebben gedownload, maar ontkende bewust kinderporno te hebben gedownload of gezien. Het hof achtte bewezen dat verdachte de afbeelding in bezit had met voorwaardelijk opzet, mede gelet op het veelvuldig downloaden van pornografisch materiaal.
De procureur-generaal bij de Hoge Raad concludeerde echter dat het hof onvoldoende gemotiveerd had waarom het opzet van verdachte gericht zou zijn op het bezit van de specifieke afbeelding. De bewijsmiddelen gaven geen inzicht in de exacte locatie van de afbeelding op de laptop, noch in de vraag of verdachte daadwerkelijk de beschikking had over die specifieke file. Bovendien was de laptop niet eigendom van verdachte, maar van zijn vriendin, wat het bezit bemoeilijkt.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof, uitsluitend voor wat betreft de bewezenverklaring van het bezit van de kinderpornografische afbeelding, en verwees de zaak naar een ander gerechtshof voor hernieuwde beoordeling. Er werden geen ambtshalve gronden gevonden om het arrest te vernietigen. De conclusie benadrukt dat alleen het bezit van de afbeelding strafbaar is, niet het louter bekijken ervan.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van het opzet op bezit van kinderporno en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde beoordeling.