ECLI:NL:PHR:2010:BO3526
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg ontbindende voorwaarde bij koop campinggrond en strekking zekerheid tegen procedures
Partijen sloten op 29 november 2005 koopovereenkomsten voor een perceel grond met campingbedrijf, met een ontbindende voorwaarde dat de koper binnen een termijn goedkeuring van de gemeente moest krijgen voor haar plan om 124 chalets te plaatsen.
Koper [verweerster] stelde dat zij absolute zekerheid wilde dat geen vrijstellings- of herzieningsprocedures nodig zouden zijn, en beriep zich op de ontbindende voorwaarde toen die zekerheid ontbrak. De rechtbank en het hof oordeelden dat de koper daarin slaagde en dat de ontbindende voorwaarde was vervuld.
In cassatie werd betoogd dat het hof onduidelijk was over de uitleg van de ontbindende voorwaarde en dat de koper onvoldoende inspanningen had verricht. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat de ontbindende voorwaarde ziet op zekerheid tegen vrijstellings- of herzieningsprocedures, die in dit geval onvermijdelijk waren.
De Hoge Raad benadrukte dat het hof de bedoeling van partijen juist had vastgesteld aan de hand van getuigenverklaringen en dat het oordeel begrijpelijk was. De koper mocht de ontbindende voorwaarde inroepen omdat de gemeente goedkeuring afhankelijk stelde van procedures die niet konden worden uitgesloten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd dat de koper zich terecht op de ontbindende voorwaarde kon beroepen.