ECLI:NL:PHR:2011:BN8037
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling ambtenaar Belastingdienst voor oplichting en valsheid in geschrift met dividendbelastingteruggave
Verdachte, werkzaam bij de Belastingdienst, werd door het hof veroordeeld voor oplichting en valsheid in geschrift in verband met het indienen van valse verzoeken tot teruggaaf van dividendbelasting namens derden. Het hof stelde vast dat verdachte samen met anderen valselijke formulieren gebruikte om ruim €800.000 aan gemeenschapsgeld te verkrijgen. Verdachte maakte misbruik van haar sleutelpositie binnen de Belastingdienst en had nauwe contacten met medeverdachten.
Het bewijs bestond uit onder meer banktransacties, telefoongegevens, observaties en verklaringen van betrokkenen. Verdachte werd beschuldigd van nauwe en bewuste samenwerking met mededaders en wetenschap van de valsheid van de verzoeken. Het hof legde een gevangenisstraf van 21 maanden op, waarvan 7 maanden voorwaardelijk, mede vanwege een vormverzuim bij de opsporing.
De Hoge Raad vernietigde het arrest omdat het hof onvoldoende had gemotiveerd dat verdachte opzet had gericht op de valsheid van de verzoeken en dat sprake was van bewuste nauwe samenwerking. Ook was onvoldoende ingegaan op de verklaringen van verdachte over haar bestedingen. De zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest wegens onvoldoende motivering omtrent opzet en samenwerking en verwijst zaak terug voor hernieuwde beoordeling.