ECLI:NL:PHR:2011:BP0005
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijksgoederengemeenschap tussen echtgenoten gehuwd naar Turks recht
Deze zaak betreft de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen een man en een vrouw die naar Turks recht gehuwd zijn geweest. Het cassatieberoep van de man richt zich tegen meerdere beslissingen van het gerechtshof Arnhem, die op hun beurt in hoger beroep waren ingesteld tegen uitspraken van de rechtbank Almelo.
De Hoge Raad beoordeelde diverse klachten van de man en de vrouw, waaronder waardevaststellingen van inventaris en voertuigen, verrekening van schulden en eigendomsvragen. De klachten werden afgewezen omdat zij feitelijke grondslag misten, het hof als feitenrechter de bewijswaardering correct had toegepast, of omdat de klachten niet ontvankelijk waren wegens gebrek aan belang.
Het incidenteel cassatieberoep van de vrouw werd eveneens verworpen. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevoerde klachten niet tot cassatie konden leiden en dat geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren. De zaak werd daarom afgedaan met een verkorte conclusie conform artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt cassatieberoepen en bevestigt uitspraken gerechtshof Arnhem over verdeling huwelijksgoederengemeenschap.