ECLI:NL:PHR:2011:BP0455

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
29 maart 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
09/04277 B
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 116.3 SvArt. 552a lid 1 SvArt. 2 Opiumwet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep inzake inbeslaggenomen passen

In deze zaak richt het cassatieberoep zich tegen een beschikking van de rechtbank Haarlem waarbij het beklag tot teruggave van een inbeslaggenomen Schipholpas ongegrond werd verklaard en het klaagschrift voor zover het een KLM-pas betrof niet-ontvankelijk werd verklaard.

De passen, eigendom van respectievelijk KLM en Amsterdam Airport Security, waren op of omstreeks 27 november 2008 in beslag genomen wegens verdenking van medeplegen van een strafbaar feit. De rechtbank behandelde het klaagschrift op 20 augustus 2009 en deed op 3 september 2009 uitspraak.

Telefonische navraag bij het openbaar ministerie bevestigde dat beide passen destijds in beslag waren genomen, maar inmiddels op 29 januari 2009 en 19 februari 2009 aan de respectievelijke eigenaren waren teruggegeven en daarna vernietigd. Hierdoor heeft klager geen belang meer bij het cassatieberoep, zodat hij niet-ontvankelijk moet worden verklaard.

De Hoge Raad wijst erop dat de vernietiging van de passen het toepasselijke recht niet verandert en dat klager daarom in zijn beroep kan worden ontvangen, maar uiteindelijk wordt het cassatieberoep niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.

Uitkomst: Het cassatieberoep van klager wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang omdat de inbeslaggenomen passen zijn vernietigd.

Conclusie

Nr. 09/04277 B
Mr. Aben
Zitting 4 januari 2011
Conclusie inzake:
[Klager]
1. Het cassatieberoep richt zich tegen de beschikking van de rechtbank te Haarlem van 3 september 2009 waarbij het beklag strekkende tot teruggave aan klager van een inbeslaggenomen Schipholpas ongegrond is verklaard en waarbij klager voorts niet-ontvankelijk is verklaard in zijn klaagschrift voor zover dat betrekking heeft op een KLM-pas.
2. Namens klager hebben mrs. J. Kuijper en M. Mulder, beiden advocaat te Amsterdam, een schriftuur ingezonden houdende twee middelen van cassatie.
3.1. Aan een bespreking van de middelen kom ik niet toe gelet op het volgende.
3.2. Het gaat in deze zaak om een KLM-pas en een Schipholpas, die op 27 januari 2009 wegens verdenking ter zake van het medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met art. 2, onder A, van de Opiumwet op of omstreeks 27 november 2008, onder klager in beslag zouden zijn genomen. Buiten kijf staat dat klager zelf geen eigenaar is van voornoemde passen, maar dat zij eigendom zijn van respectievelijk de KLM en Amsterdam Airport Security (AAS; pasuitgiftebureau). Op 30 juni 2009 is een klaagschrift als bedoeld in art. 552a lid 1 Sv binnengekomen bij de rechtbank, strekkende tot teruggave van de twee inbeslaggenomen passen aan klager. Dat klaagschrift is op 20 augustus 2009 door de rechtbank behandeld, waarna de rechtbank op 3 september 2009 de bestreden beschikking heeft gegeven waarbij het beklag ten aanzien van de KLM-pas niet-ontvankelijk is verklaard, omdat niet is gebleken dat deze onder klager in beslag is genomen, en ten aanzien van de Schipholpas ongegrond is verklaard.
3.3. Telefonische navraag bij het openbaar ministerie, afdeling Zwacri KMar Schiphol, heeft het volgende opgeleverd. Bevestigd wordt dat destijds bij de doorzoeking in de woning van de klager naast een Schipholpas ook een KLM-pas in beslag is genomen, zoals door klager is betoogd. Reeds op 29 januari 2009 is de KLM-pas teruggegeven aan de KLM en op 19 februari 2009 is de Schipholpas teruggegeven aan Amsterdam Airport Security(1). Voorts is medegedeeld dat beide passen inmiddels zijn vernietigd(2) en dat aan klager op 15 juni 2010 door de KLM een nieuwe KLM-pas is verstrekt.(3)
3.4. In cassatie moet er derhalve van worden uitgegaan dat beide passen waarover de klager zich thans wenst te beklagen na teruggave aan de desbetreffende eigenaren zijn vernietigd. Dit betekent dat klager geen belang meer heeft bij zijn cassatieberoep tegen de beschikking van de rechtbank, zodat hij daarin niet-ontvankelijk moet worden verklaard.(4)
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van klager in zijn cassatieberoep.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
1 Zie ook het, door mij opgevraagde, "overdrachtsformulier goederen" van 19 februari 2009, opgemaakt door [verbalisant], opperwachtmeester der Koninklijke Mareschaussee Schiphol, binnen gekomen per email op 15 december 2010.
2 De precieze data waarop de passen zijn vernietigd zijn mij onbekend gebleven.
3 Zie ook het emailbericht d.d. 16 december 2010 van een medewerker van Zwacri KMar Schiphol, waarin e.e.a. schriftelijk is bevestigd betreffende de gang van zaken omtrent de inbeslaggenomen passen.
4 Vgl. bijv. HR 2 november 2010, LJN BN7047.