ECLI:NL:PHR:2011:BP2440
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens invoer van ruim zes kilo cocaïne en onttrekking aan het verkeer van gebruikte koffer
De verdachte werd door het gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot 40 maanden gevangenisstraf wegens het opzettelijk invoeren van ruim zes kilo cocaïne op 24 januari 2009 via Schiphol. Tevens werd de koffer waarin de cocaïne werd aangetroffen onttrokken aan het verkeer verklaard. De verdachte voerde in hoger beroep aan dat hij onschuldig was en niet op de hoogte was van de cocaïne in zijn koffer. Het hof oordeelde dat de verdachte verantwoordelijk was voor de inhoud van zijn bagage, tenzij aannemelijk werd gemaakt dat hij niet wist of zich niet bewust was van de aanwezigheid van cocaïne. Het hof verwierp het verweer van de verdachte op grond van de feiten, waaronder de wijze van afsluiten van de koffer en de onwaarschijnlijke verklaring dat een ander de cocaïne zonder zijn medeweten had geplaatst.
De verdachte verzocht in cassatie onder meer om nader onderzoek, waaronder dactyloscopisch onderzoek van de koffer en het verpakkingsmateriaal, en het horen van getuigen die betrokken waren bij de bagagecontrole. Deze verzoeken werden door het hof afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De Hoge Raad bevestigde dat het hof niet onbegrijpelijk had geoordeeld en dat het bewijs voor opzet voldoende was vastgesteld. Ook de onttrekking aan het verkeer van de koffer werd door de Hoge Raad bevestigd, ondanks dat de geur van cocaïne mogelijk nog aanwezig was, omdat dit in lijn is met jurisprudentie waarin voorwerpen worden onttrokken die mogelijk in strijd met de wet worden gebruikt.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde het arrest van het hof. De straf en de onttrekking aan het verkeer bleven in stand.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt veroordeling tot 40 maanden gevangenisstraf en onttrekking aan het verkeer van de koffer.