ECLI:NL:PHR:2011:BP4654
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring openbaar ministerie in cassatieberoep wegens niet-tijdige indiening middelen
Bij arrest van 23 december 2009 heeft het gerechtshof Amsterdam het openbaar ministerie niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep voor bepaalde tenlasteleggingen en verdachte vrijgesproken van een andere tenlastelegging. De advocaat-generaal bij het hof heeft tijdig beroep in cassatie ingesteld, maar het openbaar ministerie heeft geen middelen van cassatie ingediend.
Volgens artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering moet het openbaar ministerie binnen een maand na de aanzegging van het cassatieberoep schriftelijk de middelen van cassatie indienen. Dit is niet gebeurd, waardoor het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het cassatieberoep.
De conclusie van de procureur-generaal bij de Hoge Raad strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie in het cassatieberoep. Deze zaak hangt samen met andere zaken waarin gelijke conclusies zijn getrokken.
Uitkomst: Het openbaar ministerie wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van middelen.