ECLI:NL:PHR:2011:BP5622
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling exclusieve bevoegdheid strafrechter bij schade door politieoptreden in Antillenzaak
In deze zaak vordert eiser schadevergoeding wegens letsel door kogels van politie en leden van het Vrijwilligers Korps Curaçao tijdens een achtervolging in Willemstad. Eiser stelt dat het geweld onrechtmatig was en dat hij niet staande is gehouden of aangehouden. Het Land erkent het vuurwapengebruik maar stelt dat dit rechtmatig was ter aanhouding van eiser wegens verdenking van strafbare feiten.
De rechtbank wees de vordering af, oordelend dat het vuurwapengebruik gerechtvaardigd was. Het hof stelde ambtshalve dat de civiele vordering niet-ontvankelijk is omdat de exclusieve regeling voor schadevergoeding bij toepassing van strafvorderlijke dwangmiddelen (art. 178-182 Sv NA) van toepassing is. Eiser stelde dat de regeling niet geldt omdat geen dwangmiddel is toegepast en geen strafzaak is begonnen.
De Hoge Raad bevestigt dat de regeling ook geldt bij poging tot toepassing van een strafvorderlijk dwangmiddel, ook als deze niet is voltooid. Het feit dat geen strafzaak is begonnen of beëindigd doet niet af aan de exclusiviteit van deze procedure. De civiele rechter is daardoor niet bevoegd de vordering te behandelen. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en verklaart eiser niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard in zijn civiele vordering wegens exclusieve bevoegdheid van de strafrechter voor schade door toepassing van strafvorderlijke dwangmiddelen.