ECLI:NL:PHR:2011:BP6604
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wijziging partneralimentatie wegens ontbreken wijziging omstandigheden
Partijen waren gehuwd tot 23 mei 2006. De man was verplicht partneralimentatie te betalen aan de vrouw, vastgesteld bij beschikking van 16 januari 2006. Na een verzoek tot vermindering op grond van gewijzigde omstandigheden, stelde de rechtbank bij beschikking van 22 april 2008 de alimentatiebedragen opnieuw vast.
In oktober 2009 verzocht de man opnieuw om wijziging van de alimentatie, wat door de rechtbank bij beschikking van 13 april 2010 werd afgewezen. Het hof bekrachtigde deze beslissing op hoger beroep. De man stelde in cassatie dat de vrouw samenleeft met een ander en dat zijn draagkracht niet juist is beoordeeld.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft vastgesteld dat de man zijn stellingen niet met bewijs heeft onderbouwd en dat de beschikking van 22 april 2008 niet is komen te vervallen door gewijzigde omstandigheden. De klachten van de man falen omdat het hof de feiten en bewijsmiddelen juist heeft gewogen en de wettelijke maatstaven van art. 1:401 BW Pro correct heeft toegepast.
De Hoge Raad bevestigt dat een verzoek tot wijziging van alimentatie alleen kan slagen indien aannemelijk is dat de omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat de alimentatie niet langer aan de wettelijke maatstaven voldoet. Dit is hier niet het geval, zodat het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het verzoek tot wijziging van partneralimentatie wordt afgewezen omdat niet is aangetoond dat de omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat de alimentatie niet langer aan de wettelijke maatstaven voldoet.