5. In het verkorte arrest is de volgende bewijsoverweging opgenomen:
"Bewijsoverweging
De raadsman van de verdachte heeft -zakelijk weergegeven- aangevoerd dat de verdachte van het primair tenlastegelegde dient te worden vrijgesproken nu er onvoldoende bewijs voorhanden is om tot een bewezenverklaring te komen. Het hof verwerpt dit verweer en overweegt daartoe als volgt.
Op 26 juni 2006 heeft [betrokkene 1] aangifte gedaan van diefstal van zijn motor. In zijn aangifte (dossierpagina 7 e.v.) verklaart hij dat hij zijn motor rond 22:00 uur op de stoep voor zijn huis had geparkeerd. Toen de aangever rond 23:00 uur naar buiten keek, constateerde hij dat zijn motor was gestolen aangezien hij niet meer op de plaats stond waar de aangever hem eerder die avond had geparkeerd.
De getuige [getuige 1] heeft op 26 juni 2006 verklaard (dossierpagina 21 e.v.) dat hij om 23:30 uur drie jongens met een motor door de Sluisstraat heeft zien lopen. Gelet op het feit dat in het proces-verbaal van bevindingen, op pagina 16 van het dossier, staat vermeld dat de betreffende verbalisanten omstreeks 22:20 uur de opdracht kregen naar de Schinkelkade te gaan alwaar drie Marokkaanse jongens met een motor heen en weer liepen en blijkens het terzake opgemaakte proces-verbaal de getuige zijn verklaring om 23:30 uur heeft afgelegd, gaat het hof er vanuit dat de getuige de drie jongens niet omstreeks 23:30 uur met de motor heeft zien lopen, maar dat dit omstreeks 22:20 uur moet zijn geweest.
De getuige [getuige 1] heeft tevens aangegeven dat een van de jongens een donkerblauw trainingspak droeg. De verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep aangegeven die avond een blauw trainingspak te hebben gedragen en dat het mogelijk is dat de getuige hem heeft gezien daar hij met de andere jongens met de motor naar het busje is gelopen.
Gelet op het korte tijdsbestek tussen het moment waarop de aangever [betrokkene 1] zijn motor had geparkeerd en het moment waarop de getuige [getuige 1] drie jongens met een motor heeft zien lopen, kan het naar het oordeel van het hof niet anders dan dat de verdachte degene is geweest die samen met twee andere jongens de motor van de parkeerplek heeft weggenomen en daartoe het stuurslot heeft opengebroken. Het hof komt tot dit oordeel gelet op het feit dat de verdachte geen aannemelijke verklaring heeft kunnen geven voor het feit dat hij door de politie in het busje met de gestolen motor werd aangetroffen en gelet op de wisselende en onlogische verklaringen die de verdachte heeft afgelegd. De verdachte heeft in eerste instantie bij de politie verklaard niet in hel busje, met daarin de gestolen motor, te hebben gezeten. Deze verklaring heeft hij ter terechtzitting in eerste aanleg gewijzigd door te verklaren dat hij op 26 juni 2006 wel in het betreffende busje zat;
Daarnaast heeft de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat hij de twee mededaders, die de motor bij zich hadden, in de Zeilstraat tegen was gekomen en dat hij hierop met ze is meegelopen. Uit de verklaring van de getuige [getuige 1] blijkt echter dat hij heeft gezien dat de drie jongens met de motor richting Schinkelkade liepen en dat zij de motor op de hoek met de Schinkelkade en de Sluisstraat neerzetten. Vervolgens is één van de jongens in de richting van de Zeilstraat gelopen om, zo bleek later, de bestelbus op te halen. De andere twee jongens zijn volgens de getuige bij de motor blijven staan. Het hof acht de verklaring van de verdachte, dat hij de twee jongens met de motor in de Zeilstraat heeft getroffen ongeloofwaardig gelet op het feit dat de getuige een van de medeverdachten nu juist in de richting van de Zeilstraat zag lopen om de bestelbus te gaan halen
om de motor in te vervoeren. Door deze tegenstrijdigheden is de ontkenning van de verdachte van betrokkenheid bij de diefstal te minder geloofwaardig. Het hof leidt uit het bovenstaande af dat de verdachte, anders dan hij stelt, wel degelijk samen met anderen de diefstal van de motor heeft gepleegd. Gelet op hierop acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair tenlastegelegde heeft begaan."