ECLI:NL:PHR:2011:BQ8108
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Betaling onbetaald gebleven premies personenautoverzekering afgewezen wegens onvoldoende ondertekening bewijsstukken
Eiser stelde cassatieberoep in tegen een vonnis van de kantonrechter dat hem veroordeelde tot betaling van een bedrag van €249,42 aan Univé wegens onbetaald gebleven premies van een personenautoverzekering.
Univé was niet verschenen in cassatie en tegen haar was verstek verleend. Het cassatieberoep richtte zich op het oordeel van de kantonrechter dat Univé het verweer van eiser deugdelijk had weersproken met formulieren die eiser niet zou hebben ondertekend en waarvan persoonsgegevens niet overeenstemden.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep niet tot cassatie kon leiden omdat het beroep was ingesteld tegen een vonnis van de kantonrechter en cassatie wegens schending van het recht in die gevallen in beginsel is uitgesloten. Bovendien was het betoog van eiser dat de formulieren niet waren ondertekend en persoonsgegevens niet klopten een nieuw feit dat niet in de eerdere procedure was ingebracht, waardoor het beroep faalde.
De conclusie van de Procureur-Generaal was daarom dat het cassatieberoep verworpen moet worden met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot betaling van onbetaalde premies blijft gehandhaafd.