ECLI:NL:PHR:2011:BR2224
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtmatigheid uitoefening bediening door parkeercontroleur bij belediging
Verdachte is door het gerechtshof veroordeeld wegens eenvoudige belediging van een ambtenaar, te weten een parkeercontroleur van de gemeente Eindhoven, gedurende de rechtmatige uitoefening van diens bediening. De belediging bestond uit het uiten van kwetsende woorden en het bespugen van de ambtenaar op een parkeerplaats in Eindhoven.
De verdediging voerde aan dat de parkeercontroleur niet bevoegd was om verdachte van de parkeerplaats te verwijderen en dat daardoor de rechtmatigheid van diens bediening niet vaststond. Het hof oordeelde echter dat de toezichthouder binnen zijn bevoegdheden handelde door op te treden tegen het storend gedrag van verdachte, namelijk het lastigvallen van parkeerders.
De Hoge Raad concludeert dat het hof de rechtmatigheid van de uitoefening van de bediening terecht heeft vastgesteld, mede gelet op de verklaring van de toezichthouder en het feit dat verdachte hinderlijk gedrag vertoonde. Het cassatiemiddel faalt en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens eenvoudige belediging tijdens rechtmatige bediening blijft gehandhaafd.