ECLI:NL:PHR:2011:BT7490
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Geen toerekening schijn van volmacht bij verkoop appartementsrecht zonder toereikende volmacht
De zaak betreft een geschil over de totstandkoming van een koopovereenkomst van een appartementsrecht en de vraag of een notaris bevoegd was namens de verkopers een aanbod te doen. De verkopers, broeder en zuster, hadden een voorkeursrecht opgenomen in de leveringsakte. De notaris stuurde een brief aan de koper met een aanbod tot koop, waarop de koper reageerde. De verkopers betwistten dat de notaris een toereikende volmacht had voor het doen van het aanbod.
De rechtbank oordeelde aanvankelijk dat het aanbod rechtsgeldig was gedaan en veroordeelde de verkopers tot levering en schadevergoeding. Het hof vernietigde deze vonnissen en wees de vorderingen af, stellende dat onvoldoende feiten en omstandigheden waren gesteld waaruit een toereikende volmacht kon worden afgeleid. Ook was er geen toerekening van schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid aan de verkopers.
De Hoge Raad bevestigt dat de brief van de notaris als aanbod kan worden beschouwd, maar dat geen koopovereenkomst tot stand is gekomen wegens het ontbreken van een toereikende volmacht. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid die door de notaris werd gewekt, niet voor risico van de verkopers komt. Het beroep op het voorkeursrecht strekt niet tot toepassing op de toedeling van het aandeel van een deelgenoot aan de ander. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug.
Uitkomst: Geen koopovereenkomst wegens ontbreken toereikende volmacht en geen toerekening schijn van volmacht aan verkopers.