ECLI:NL:PHR:2011:BT8966

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
20 december 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/03603 H
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 30 lid 2 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigenArt. 34 Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigenArt. 457 lid 1 onder 2 SvArt. 467 lid 1 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herziening wegens nieuwe verzekeringsovereenkomst bij overtreding WAM-verzekeringsplicht

De Kantonrechter te Sittard heeft de aanvrager bij verstek veroordeeld wegens overtreding van artikel 30 lid 2 van Pro de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) omdat zijn auto op 16 juni 2010 niet verzekerd zou zijn geweest. Tegen dit vonnis is geen hoger beroep ingesteld.

Namens de aanvrager is een verzoek tot herziening ingediend op grond van artikel 457 lid 1 onder Pro 2 Sv, met een verklaring ex artikel 34 WAM Pro die op 14 april 2011 is afgegeven en waaruit blijkt dat de auto op de pleegdatum wel verzekerd was. Deze verklaring was bij het vonnis nog niet bekend en de aanvrager was niet ter terechtzitting verschenen.

De Hoge Raad oordeelt dat deze nieuwe omstandigheid het ernstige vermoeden wekt dat, indien de Kantonrechter hiermee bekend was geweest, hij de aanvrager zou hebben vrijgesproken. Daarom verklaart de Hoge Raad het herzieningsverzoek gegrond, beveelt opschorting van de tenuitvoerlegging van het vonnis en verwijst de zaak naar het gerechtshof voor behandeling volgens artikel 467 lid 1 Sv Pro.

Uitkomst: Herzieningsverzoek gegrond verklaard en zaak verwezen naar gerechtshof voor nieuwe behandeling.

Conclusie

Nr. 11/03603 H
Mr. Knigge
Zitting: 11 oktober 2011
Conclusie inzake:
[Aanvrager]
1. De Kantonrechter te Sittard heeft aanvrager bij vonnis van 7 juni 2011 wegens "overtreding van het bepaalde in artikel 30 lid 2 Wet Pro aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen" bij verstek veroordeeld tot een geldboete ter hoogte van vierhonderdzestig euro, subsidiair negen dagen hechtenis. Tegen het vonnis van de kantonrechter is geen rechtsmiddel ingesteld.(1)
2. Namens aanvrager heeft mr. J.W. Heemskerk, advocaat te Roermond, een aanvraag tot herziening van dat vonnis ingediend.
3. Als grondslag voor een herziening kunnen, voor zover hier van belang, krachtens art. 457 lid 1 onder Pro 2 Sv slechts dienen een of meer door een opgave van bewijsmiddelen gestaafde omstandigheden van feitelijke aard die bij het onderzoek op de terechtzitting niet zijn gebleken en die het ernstig vermoeden wekken dat, waren zij bekend geweest, het onderzoek van de zaak zou hebben geleid hetzij tot vrijspraak van de veroordeelde, hetzij tot ontslag van rechtsvervolging, hetzij tot niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar ministerie, hetzij tot toepasselijkverklaring van een minder zware strafbepaling.
4. De aanvrager is veroordeeld omdat zijn personenauto met het kenteken [AA-00-BB] op pleegdatum 16 juni 2010 niet overeenkomstig de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen verzekerd was. De aanvraag tot herziening berust op de stelling dat de desbetreffende auto op de pleegdatum wél verzekerd was. Ter onderbouwing van deze stelling is bij de aanvraag een verklaring ex. art. 34 WAM Pro gevoegd, afgegeven op 14 april 2011 door SAA(2) Assuradeuren BV, inhoudende dat voor het motorrijtuig voorzien van het kenteken [AA-00-BB] een verzekering van kracht was welke aan de op die datum door of krachtens de WAM gestelde eisen voldeed. De verklaring vermeldt voorts de naam van de verzekeraar en het polisnummer.
5. Hoewel dit stuk is afgegeven voordat de Kantonrechter uitspraak deed,(3) is niet gebleken dat de Kantonrechter tijdens het onderzoek ter terechtzitting met dit stuk bekend was. Ik wijs er in dit verband op dat aanvrager niet ter terechtzitting is verschenen. Aan de inhoud van de art. 34 WAM Pro-verklaring valt het ernstige vermoeden te ontlenen dat de Kantonrechter, als hij daarmee wél bekend was geweest, de aanvrager van het hem tenlastegelegde zou hebben vrijgesproken.
6. Deze conclusie strekt er dan ook toe dat de Hoge Raad de aanvrage gegrond zal verklaren, de opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van het gewijsde zal bevelen en de zaak zal verwijzen naar een Gerechtshof dat daarvan nog geen kennis heeft genomen, opdat de zaak zal worden behandeld en afgedaan op de wijze als in art. 467 lid 1 Sv Pro is voorzien.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,
AG
1 Dat blijkt uit de op 15 augustus 2011 aan de Hoge Raad toegezonden verklaring van [betrokkene], administratief juridisch medewerker van de Rechtbank Maastricht (sector kanton locatie Sittard-Geleen), inhoudende dat in de hierboven bedoelde strafzaak van de aanvrager geen hoger beroep is ingesteld tegen de uitspraak van de kantonrechter van 7 juni 2011.
2 Dit staat voor "Samenwerkende Assurantie Adviseurs".
3 De art. 34 WAM Pro-verklaring is op 14 april 2011 afgegeven, terwijl de uitspraak van de Kantonrechter van 7 juni 2011 dateert.