ECLI:NL:PHR:2012:BP4954

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
20 april 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11/00154
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 402 lid 2 RvArt. 339 lid 2 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens overschrijding cassatietermijn in executie kort geding

In deze zaak vorderde Keuken Kwaliteits Groep B.V. dat eiser alle eerder gelegde executoriale beslagen zou opheffen en dat hem werd verboden beslag te leggen zolang niet over zijn vorderingen was beslist door een bodemrechter. De voorzieningenrechter gaf hieraan gevolg in een vonnis van 17 februari 2010, waarbij eiser werd bevolen de beslagen binnen één werkdag op te heffen onder dreiging van een dwangsom.

Eiser stelde hiertegen spoedappel in bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch, dat het vonnis van de voorzieningenrechter bij arrest van 24 augustus 2010 bekrachtigde. Kort daarvoor was Keuken Kwaliteits Groep failliet verklaard en werd een curator benoemd.

Eiser stelde vervolgens cassatieberoep in tegen het arrest van het hof, maar dit beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het buiten de cassatietermijn van acht weken was ingesteld. De termijn liep af op 19 oktober 2010, terwijl de cassatiedagvaarding pas op 23 november 2010 werd uitgebracht. Hierdoor kon eiser niet ontvankelijk worden verklaard in zijn cassatieberoep.

Uitkomst: Het cassatieberoep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de cassatietermijn van acht weken.

Conclusie

Zaaknr. 11/00154
mr. E.M. Wesseling-van Gent
Zitting: 10 februari 2012 (bij vervroeging)
Conclusie inzake:
[Eiser]
tegen
Mr. L.H.A.M. Andriessen, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van Keuken Kwaliteits Groep B.V.
In deze zaak, een executie kort geding, is de cassatiedagvaarding buiten de daarvoor gestelde termijn van acht weken uitgebracht.
1. De ontvankelijkheid van het cassatieberoep
1.1 Keuken Kwaliteits Groep B.V. heeft eiser tot cassatie, [eiser], op 26 januari 2010 in kort geding gedagvaard voor de voorzieningrechter in de rechtbank te Breda. Zij heeft gevorderd, kort gezegd, [eiser] te bevelen alle eerder door hem gelegde executoriale beslagen op te heffen en hem te verbieden ten laste van Keuken Kwaliteits Groep beslag te leggen zolang niet bij vonnis van een bodemrechter is beslist over zijn beweerdelijke vorderingen.
1.2 De voorzieningenrechter heeft [eiser] bij vonnis in kort geding van 17 februari 2010 bevolen om alle door hem gelegde executoriale beslagen binnen één werkdag na betekening van het vonnis op te heffen, op straffe van verbeurte van een in het vonnis aangeduide dwangsom. De voorzieningenrechter heeft voorts bepaald dat [eiser], indien hij tot zekerheid van de in het vonnis besproken vorderingen verlof zal vragen voor het doen leggen van conservatoir beslag, bij het beslagrekest het vonnis dient te voegen, eveneens op straffe van verbeurte van een in het vonnis aangeduide dwangsom.
1.3 [Eiser] heeft tegen het vonnis van 17 februari 2010 spoedappel(1) ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch en heeft daarbij gevorderd dat het hof het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigt en, kort gezegd, de vordering van Keuken Kwaliteits Groep alsnog afwijst, met ongedaanmaking van (de gevolgen van) hetgeen [eiser] ter uitvoering van het bestreden vonnis heeft gedaan, waaronder begrepen het hebben opgeheven van de door hem gelegde beslagen.
1.4 Het hof heeft het vonnis waarvan beroep bij arrest van 24 augustus 2010 bekrachtigd.
1.5 Ruim een maand daarvoor, op 20 juli 2010, is Keuken Kwaliteits Groep in staat van faillissement verklaard met benoeming van verweerder in cassatie tot curator in dat faillissement(2).
1.6 [Eiser] heeft bij dagvaarding van 23 november 2010 cassatieberoep tegen het arrest van 24 augustus 2010 ingesteld.
Tegen de curator is verstek verleend.
1.7 Aangezien het hier een procedure in kort geding betreft, bedroeg de cassatietermijn overeenkomstig art. 402 lid 2 Rv Pro. in verbinding met art. 339 lid 2 Rv Pro. acht weken. De termijn verliep derhalve op 19 oktober 2010. Het cassatieberoep is pas na afloop van de cassatietermijn ingesteld, zodat [eiser] daarin niet kan worden ontvangen.
2. Conclusie
De conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiser] in het door hem ingestelde cassatieberoep.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G
1 Zie de aanhef van de appeldagvaarding.
2 Zie de cassatiedagvaarding, p. 1 en 2.