ECLI:NL:PHR:2012:BQ4228
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Misbruik van recht bij leaseconstructie ziekenhuisapparatuur en toepassing fraus legis in omzetbelasting
Belanghebbende, een commanditaire vennootschap waarin een ziekenhuis commanditair vennoot is, kocht roerende zaken aan en verhuurde deze aan het ziekenhuis via leaseovereenkomsten. De jaarlijkse huurprijs was circa 10,5% van de aanschafprijs, met een koopoptie na vijf jaar voor minimaal 10% van de oorspronkelijke kostprijs. De Belastingdienst stelde een boekenonderzoek in en legde naheffingsaanslagen op wegens onterecht in aftrek gebrachte omzetbelasting.
De Rechtbank oordeelde dat belanghebbende de beschikkingsmacht over de goederen had verkregen en dat de tussenschakeling misbruik van recht opleverde, omdat het wezenlijke doel van de constructie was het verkrijgen van een belastingvoordeel dat in strijd was met het doel van de Zesde richtlijn. Het Hof bevestigde dit oordeel en verwierp het beroep op het rechtszekerheidsbeginsel.
De Hoge Raad behandelde in cassatie de vraag of het leerstuk misbruik van recht (fraus legis) toepasselijk is in het Nederlandse belastingrecht en of de naheffingsaanslag terecht is opgelegd. De conclusie benadrukt dat het leerstuk misbruik van recht ook in de omzetbelasting geldt en dat het wezenlijke doel van de transacties het verkrijgen van een belastingvoordeel was. De leaseconstructie werd als kunstmatig en zonder reële economische betekenis beoordeeld, waardoor de aftrek van voorbelasting niet toekomt. De naheffingsaanslag is daarom terecht opgelegd.
Uitkomst: De naheffingsaanslag omzetbelasting is terecht opgelegd wegens misbruik van recht bij de leaseconstructie van ziekenhuisapparatuur.