ECLI:NL:PHR:2012:BQ4342
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt misbruik van recht bij ziekenhuisconstructie in omzetbelasting
Belanghebbende, een commanditaire vennootschap waarin een ziekenhuis participeert, kocht roerende zaken aan en verhuurde deze aan het ziekenhuis via een huurovereenkomst met koopoptie. De Belastingdienst hevelde een naheffingsaanslag op wegens misbruik van recht, omdat de constructie was opgezet met het wezenlijke doel een belastingvoordeel te behalen.
De Rechtbank en het Hof oordeelden dat de tussenschakeling van belanghebbende misbruik van recht oplevert in de zin van het arrest Halifax van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Het Hof verwierp het beroep op het rechtszekerheidsbeginsel en stelde dat het wezenlijke doel van de constructie het behalen van belastingvoordeel was, waarbij de economische voordelen van de constructie niet doorslaggevend waren.
In cassatie betoogde belanghebbende dat het Nederlandse leerstuk van fraus legis reeds voldoende bescherming bood en dat het rechtszekerheidsbeginsel toepassing van het Europese misbruikleerstuk in de weg stond. De Hoge Raad verklaarde het beroep ongegrond, bevestigde de toepassing van het leerstuk misbruik van recht in Nederland en onderschreef het oordeel dat de constructie misbruik opleverde, waardoor de aftrek van voorbelasting terecht werd gecorrigeerd.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het oordeel dat sprake is van misbruik van recht bevestigd.