ECLI:NL:PHR:2012:BT1516
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontvankelijkheid beroep na tweede uitspraak op bezwaar in fiscale naheffingsaanslag omzetbelasting
In deze zaak staat centraal of belanghebbende terecht niet-ontvankelijk is verklaard in haar beroep tegen een tweede uitspraak op bezwaar van de Inspecteur inzake een naheffingsaanslag omzetbelasting over 1999.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de naheffingsaanslag en diende een pro-forma bezwaarschrift in, dat aanvankelijk niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van motivering. Na correspondentie en een hoorgesprek erkende de Inspecteur de fout en deed een tweede uitspraak op bezwaar waarin de aanslag werd gehandhaafd. Belanghebbende stelde binnen zes weken beroep in tegen deze tweede uitspraak.
De Rechtbank en het Hof verklaarden het beroep niet-ontvankelijk omdat de beroepstermijn volgens hen was aangevangen bij de eerste uitspraak op bezwaar. Belanghebbende betoogde dat de eerste uitspraak was komen te vervallen en dat het beroep tijdig was ingesteld tegen de tweede uitspraak. De Hoge Raad bevestigt de vaste jurisprudentie dat binnen het fiscale stelsel slechts eenmaal uitspraak op bezwaar mogelijk is en dat een tweede uitspraak niet leidt tot een nieuwe beroepstermijn. De Hoge Raad oordeelt dat het beroep terecht niet-ontvankelijk is verklaard.
De conclusie bespreekt uitgebreid de relevante wetsartikelen, jurisprudentie en literatuur, waarbij wordt benadrukt dat het fiscale rechtsbeschermingsstelsel een gesloten stelsel is waarin slechts beroep mogelijk is tegen de eerste en enige uitspraak op bezwaar. De mogelijkheid van een tweede uitspraak op bezwaar wordt niet erkend, ook niet als de eerste uitspraak onjuist was. Wel wordt erkend dat in het bestuursrecht buiten fiscaal domein soms andere regels gelden, maar deze zijn niet van toepassing op fiscale zaken.
De zaak illustreert de strikte toepassing van termijnen en ontvankelijkheidsregels in het fiscale bestuursprocesrecht en bevestigt dat procedurele fouten door de Inspecteur niet leiden tot een nieuwe beroepstermijn voor een tweede uitspraak op bezwaar.
Uitkomst: Het beroep tegen de tweede uitspraak op bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.