ECLI:NL:PHR:2012:BV0892
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg begrip bestuurder voor rechtsgeldige ondertekening K-verklaring in aanbestedingsprocedure
De zaak betreft een geschil over de geldigheid van een inschrijving bij een Europese niet-openbare aanbesteding voor onderhoudswerkzaamheden in de Waddenzee. De Combinatie, bestaande uit twee BV's, had een K-verklaring overlegd die was ondertekend door een gevolmachtigd bedrijfsdirecteur, terwijl de Staat stelde dat deze verklaring ongeldig was omdat deze niet door een statutair bestuurder was ondertekend.
De voorzieningenrechter en het gerechtshof oordeelden dat de verklaring inderdaad door een statutair bestuurder moest worden ondertekend, omdat deze de hoogste verantwoordelijkheid naar buiten toe draagt. De Combinatie voerde aan dat een gevolmachtigd directeur met volledige volmacht ook rechtsgeldig kon tekenen, maar dit werd verworpen.
De Hoge Raad bevestigde dat het begrip 'bestuurder' in artikel 3.27.3 van het Aanbestedingsreglement Werken 2005 moet worden uitgelegd als de statutair bestuurder die de hoogste verantwoordelijkheid draagt. De ondertekening door een gevolmachtigd bedrijfsdirecteur volstaat niet, ook niet als deze feitelijk leiding gaf. De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel en bekrachtigde het oordeel van het hof.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigde dat de K-verklaring rechtsgeldig door de statutair bestuurder moet worden ondertekend en verwierp het cassatiemiddel.