ECLI:NL:PHR:2012:BV9530
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens ontbreken bindende eindbeslissing in raamovereenkomstgeschil
Velopa en [verweerster] hadden een langdurige zakelijke relatie gebaseerd op een raamovereenkomst uit 2002. In 2005 ontstond een geschil over de nakoming van deze overeenkomst, waarbij Velopa stopte met afname van producten van [verweerster] en deze rechtstreeks van een Tsjechische toeleverancier ging betrekken.
De rechtbank oordeelde dat Velopa geen verplichtingen had geschonden, maar het hof kwam tot het oordeel dat Velopa tekort was geschoten in de nakoming. Velopa stelde cassatieberoep in tegen een tussenarrest waarin het hof een comparitie gelastte voor schadevaststelling.
De Hoge Raad oordeelt dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk is omdat het hof niet uitdrukkelijk en zonder voorbehoud over het verweer heeft beslist, waardoor geen bindende eindbeslissing is gegeven. Stilzwijgende oordelen over verweren kunnen niet als bindend worden aangemerkt, waardoor cassatieberoep tegen een dergelijke tussenuitspraak niet openstaat.
De zaak wordt terugverwezen naar het hof om het verweer alsnog te beoordelen. De Hoge Raad benadrukt het belang van duidelijke en expliciete beslissingen in tussenuitspraak om cassatie mogelijk te maken.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Velopa wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een bindende eindbeslissing door het hof.