ECLI:NL:PHR:2012:BW1257
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vaststelling Nederlanderschap geweigerd ondanks verstrekte Nederlandse paspoorten
Verzoeker, geboren in Pakistan, heeft tweemaal een Nederlands paspoort ontvangen en is ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie van Amsterdam. Hij verzocht de rechtbank om vaststelling van zijn Nederlanderschap op grond van artikel 17 van Pro de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN).
De rechtbank wees het verzoek af omdat het Nederlanderschap volgens vaste jurisprudentie uitsluitend op de in de RWN limitatief genoemde wijzen kan worden verkregen. Het enkele feit dat verzoeker abusievelijk twee keer een Nederlands paspoort ontving, leidt niet tot het verkrijgen van het Nederlanderschap.
Verzoeker stelde in cassatie dat hij gerechtvaardigd mocht vertrouwen op het Nederlanderschap vanwege het verstrekken van de paspoorten. De Hoge Raad verwierp dit verweer en bevestigde dat het Nederlanderschap strikt volgens de wet wordt vastgesteld. Tevens oordeelde de Hoge Raad dat de rechtbank voldoende had gemotiveerd waarom het verzoek werd afgewezen, ook al verwees zij niet expliciet naar de vaste jurisprudentie.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de afwijzing van het verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap wordt afgewezen omdat het Nederlanderschap limitatief in de wet is geregeld en het verstrekken van paspoorten daaraan geen rechtsgevolg heeft.