ECLI:NL:PHR:2012:BW5185
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens niet tijdig indienen middelen
Het Gerechtshof Amsterdam heeft verdachte op 17 december 2010 veroordeeld tot 15 maanden gevangenisstraf voor het deelnemen aan een organisatie met het oogmerk het plegen van misdrijven, waaronder terroristische misdrijven. Deze veroordeling volgde na vernietiging van een eerder arrest en verwijzing door de Hoge Raad.
Verdachte heeft cassatie ingesteld via zijn advocaat, maar na rechtsgeldige betekening van de aanzegging van artikel 435 lid 1 Sv Pro op 25 augustus 2011, is binnen de gestelde termijn geen schriftuur met cassatiemiddelen ingediend bij de Hoge Raad.
Daarom concludeert de Procureur-Generaal dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk moet worden verklaard. De zaak hangt samen met meerdere andere zaken waarin eenzelfde conclusie is getrokken.
Uitkomst: Cassatieberoep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig indienen van middelen.