ECLI:NL:PHR:2012:BW5875
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geldigheid opzegging huurovereenkomst en lidmaatschap vereniging
In deze zaak staat de geldigheid van een tweede opzegging van een huurovereenkomst tussen de vereniging De Binnenpret en haar lid Fenomeen centraal. Fenomeen betwistte het besluit tot opzegging, waarbij het hof oordeelde dat de huurrechtelijke aspecten zwaarder wegen dan de verenigingsrechtelijke en dat het lidmaatschap eindigt bij beëindiging van de huurovereenkomst. Tevens werd vastgesteld dat het bestuur bevoegd was tot opzegging.
Fenomeen voerde meerdere middelen aan in cassatie, waaronder dat het hof buiten de rechtsstrijd trad door de geldigheid van de opzegging los te koppelen van de redelijkheid van de compensatie. De Hoge Raad verwierp deze middelen en bevestigde dat de beoordeling van de redelijkheid van de compensatie niet in deze procedure aan de orde is, maar in een parallelle procedure.
Ook het gezag van gewijsde van het eerdere arrest uit 2008 stond niet in de weg aan de beoordeling van de nieuwe opzegging. Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat eventuele gebreken in de oproeping van Fenomeen voor de ledenvergadering niet relevant zijn voor de bevoegdheid van het bestuur tot opzegging.
De Hoge Raad verwierp alle cassatiemiddelen en bevestigde het arrest van het hof, waarmee de opzegging als feitelijk en niet onbegrijpelijk werd beoordeeld.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de opzegging van de huurovereenkomst geldig is en dat het bestuur bevoegd was tot opzegging.