ECLI:NL:PHR:2012:BW7468
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt berekening draagkracht kinderalimentatie volgens Nederlands fiscaal stelsel ondanks Belgische belastingplicht
In deze zaak ging het om een verzoek tot nihilstelling van kinderalimentatie door de man, die in België belastingplichtig was. De man voerde aan dat zijn draagkracht volgens het Belgische fiscale regime berekend moest worden, omdat dit fiscaal voordeliger of nadeliger kon uitvallen dan het Nederlandse regime. De vrouw trok haar grief in die aansloot bij het Belgische regime en wilde aansluiting bij het Nederlandse systeem.
De rechtbank en het hof hadden de draagkracht berekend volgens het Nederlandse fiscale stelsel, waarbij het hof rekening hield met het feit dat de man in België belastingplichtig was door bepaalde fiscale aftrekposten niet mee te nemen, zoals hypotheekrenteaftrek, maar wel de aftrekbaarheid van kinderalimentatie te erkennen. Het hof stelde vast dat het inkomen van de man was gedaald en paste de alimentatiebedragen daarop aan.
De man stelde in cassatie dat het hof het Belgische fiscale regime had miskend en dat de extrapolatie van zijn inkomen onjuist was. De Hoge Raad verwierp deze klachten, stellende dat het hof het Belgische fiscale regime wel degelijk had erkend en dat de vaststelling van de draagkracht volgens het Nederlandse fiscale stelsel niet onbegrijpelijk was. De Hoge Raad wees het cassatieberoep af en bevestigde dat de draagkrachtberekening volgens het Nederlandse fiscale stelsel kan plaatsvinden, ook bij Belgische belastingplicht.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de draagkrachtberekening volgens het Nederlandse fiscale stelsel bevestigd.