ECLI:NL:PHR:2012:BW7469
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Wijziging partneralimentatie bij gewijzigde omstandigheden zonder terugwerkende kracht
In deze zaak heeft de man verzocht om vermindering van de partneralimentatie die hij aan de vrouw moest betalen, op grond van gewijzigde omstandigheden. De rechtbank stelde de alimentatie vast op een lager bedrag met ingang van 1 oktober 2010. De man wilde dat deze wijziging met terugwerkende kracht zou ingaan op 18 december 2009, de datum van indiening van zijn verzoek.
Het hof bevestigde de beslissing van de rechtbank en oordeelde dat de wijziging niet met terugwerkende kracht kan ingaan, omdat de vrouw door het niet betalen van alimentatie door de man leningen heeft moeten afsluiten om in haar levensonderhoud te voorzien. Het hof vond het onredelijk om van de vrouw te verlangen dat zij deze schulden zou terugbetalen.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de man en bevestigde dat de rechter behoedzaam moet omgaan met terugwerkende kracht bij wijziging van alimentatie, vooral wanneer dit leidt tot terugbetaling van reeds ontvangen bedragen. De uitspraak benadrukt het belang van redelijkheid en billijkheid bij de vaststelling van de ingangsdatum van alimentatiewijzigingen.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de wijziging van partneralimentatie niet met terugwerkende kracht ingaat vanwege de onredelijke gevolgen voor de alimentatiegerechtigde.