ECLI:NL:PHR:2012:BW9224
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugbetalingsverplichting bij wijziging kinderalimentatie met terugwerkende kracht
In deze zaak ging het om de vaststelling van kinderalimentatie met terugwerkende kracht en de vraag of te veel betaalde bedragen door de man aan de vrouw terugbetaald of verrekend moesten worden. De rechtbank had de behoefte van het kind vastgesteld op € 790,- per maand, met een gefaseerde betalingsverplichting van € 250,- tot 1 juni 2011 en daarna € 790,- per maand. Tevens bepaalde de rechtbank dat het meerdere dat na 19 december 2009 was betaald niet hoefde te worden terugbetaald of verrekend.
In hoger beroep wijzigde het hof de ingangsdatum van de hogere betaling naar 1 juni 2012, maar liet zich niet uit over de terugbetalings- of verrekeningsverplichting. De vrouw stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing. De Hoge Raad onderzocht of het hof onterecht geen beslissing had genomen over de terugbetaling/verrekening van te veel betaalde alimentatie na 1 juni 2011.
De Hoge Raad concludeerde dat het hof geen beslissing had genomen over die terugbetaling, maar dat dit niet betekent dat het hof een nadelige beslissing voor de vrouw had genomen. Partijen hadden dit punt niet aan de orde gesteld in hoger beroep, waardoor het buiten de rechtsstrijd viel. De Hoge Raad bevestigde dat de beschikking van het hof niet inhoudt dat de vrouw te veel ontvangen alimentatie moet terugbetalen of verrekenen en verwierp het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat geen terugbetaling of verrekening van te veel betaalde kinderalimentatie is vereist.