ECLI:NL:PHR:2012:BX0590
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens valsheid in geschrift en oplichting bij gemeente Winterswijk
Verdachte heeft in de periode van 2003 tot 2008 namens de gemeente Winterswijk meerdere valse beschikkingen, brieven, betalingsopdrachten en facturen opgesteld en ondertekend, met als doel zichzelf en anderen wederrechtelijk te bevoordelen. Deze documenten waren gericht aan verschillende stichtingen en bedrijven en bevatten onjuiste bankrekeningnummers en valse toezeggingen van subsidies.
Het hof heeft bewezen verklaard dat verdachte met listige kunstgrepen de gemeente heeft bewogen tot het uitbetalen van ongeveer 2,6 miljoen euro. Daarnaast heeft verdachte de Rabobank Liemersepoort misleid met valse informatie om een hogere kredietfaciliteit te verkrijgen, ondanks een reeds overschreden kredietlimiet.
De bewijsvoering bestond uit verklaringen van verdachte, processen-verbaal van aangiften en verhoren, interne fraudeonderzoeken en bankafschriften. De Hoge Raad oordeelde dat de bewijsconstructie voldeed aan de wettelijke minimumvereisten en dat de bewezenverklaringen niet uitsluitend op de bekentenis van verdachte berustten.
De middelen van cassatie die onder meer de bewijsvoering en de uitleg van het begrip 'aangaan van schuld' in art. 326 Sr Pro betrof, werden verworpen. De veroordeling tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan één jaar voorwaardelijk, bleef daarmee in stand.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan één jaar voorwaardelijk.