ECLI:NL:PHR:2012:BX5880
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beperking verhaalsrecht verzekeraar bij hoofdelijk aansprakelijke gezinsleden
In deze zaak staat centraal of een schadeverzekeraar, die de schade van haar verzekerden heeft vergoed, de volledige schade kan verhalen op een hoofdelijk aansprakelijke persoon die niet tot de in art. 7:962 lid 3 BW Pro genoemde beschermde categorie behoort, terwijl een andere hoofdelijk aansprakelijke persoon wel tot die categorie behoort.
Het geschil betreft een verkeersongeval waarbij twee personen hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade van twee slachtoffers die familie zijn van één van deze hoofdelijk aansprakelijke personen. Menzis, de zorgverzekeraar van de slachtoffers, heeft de schade vergoed en vordert verhaal op de andere hoofdelijk aansprakelijke persoon en diens verzekeraar.
De Hoge Raad bevestigt dat de verzekeraar geen verhaal kan nemen op de beschermde medeschuldenaar binnen de familie, zoals bedoeld in art. 7:962 lid 3 BW Pro. Regres op deze persoon is uitgesloten om familierelaties te beschermen. Dit betekent dat de andere hoofdelijk aansprakelijke medeschuldenaar het onverhaalbare deel van de schade draagt. Hoewel dit voor de verzekeraar nadelig kan zijn, acht de Hoge Raad dit in lijn met de wetgever's bedoeling en niet onbillijk, mede omdat verzekeraars hiermee rekening kunnen houden bij de premiestelling.
De Hoge Raad vernietigt het bestreden arrest en bevestigt het vonnis van de Rechtbank Zutphen dat de vordering slechts voor het aandeel van de niet-beschermde hoofdelijk aansprakelijke persoon kan worden toegewezen. Menzis wordt veroordeeld in de kosten van hoger beroep en cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en bevestigt dat de verzekeraar slechts verhaal kan nemen voor het aandeel van de niet-beschermde hoofdelijk aansprakelijke persoon.