ECLI:NL:PHR:2012:BX7487
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid gemeente voor funderingsschade door lekkende riolering en lage grondwaterstanden
De zaak betreft een geschil tussen bewoners van woningen gefundeerd op houten palen en de gemeente Dordrecht over schade aan funderingen veroorzaakt door lage grondwaterstanden en lekkende rioleringen. De bewoners stelden dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld door nalatigheid in het beheer van riolering en open water, en vorderden schadevergoeding op grond van artikel 6:174 BW Pro en subsidiair 6:162 BW.
De rechtbank wees de vorderingen af, stellende dat de gemeente haar onderhouds- en informatieplicht niet had geschonden en dat causaal verband ontbrak. Het hof bevestigde dit oordeel en overwoog dat de tenzij-clausule van artikel 6:174 BW Pro van toepassing is, waarbij de gemeente niet aansprakelijk is indien zij, ook bij bekendheid met het gebrek, niet aansprakelijk zou zijn op grond van onrechtmatige daad. Het hof oordeelde dat onvoldoende was gesteld over een feitelijk gebrek aan de riolering dat relevant was voor de schade.
De Hoge Raad bevestigt dat het verschil tussen aansprakelijkheid uit artikel 6:174 BW Pro en 6:162 BW vooral ligt in de fictieve bekendheid met het gebrek. De Hoge Raad benadrukt dat de beoordeling van gebrekkigheid en aansprakelijkheid mede afhangt van objectieve maatstaven, waaronder de aard en bestemming van de opstal, de kenbaarheid van het gebrek, de beleidsvrijheid van de gemeente en de financiële middelen. De Hoge Raad wijst erop dat geen sprake is van een garantienorm en dat de gemeente haar onderhoudsverplichtingen is nagekomen. De klachten van de bewoners worden verworpen en het bestreden vonnis wordt bekrachtigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de gemeente Dordrecht niet aansprakelijk is voor de funderingsschade veroorzaakt door lekkende riolering en lage grondwaterstanden.