ECLI:NL:PHR:2012:BX9018
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Internationale bevoegdheid bij inbreuk auteursrecht op spijkerbroekontwerp via website
Deze zaak betreft een geschil tussen G-Star International B.V. en H&M Hennes & Mauritz AB en H&M Netherlands B.V. over vermeende inbreuk op auteursrechten van G-Star op het ontwerp van de Elwood-spijkerbroek. G-Star stelde dat H&M inbreuk maakte door verkoop van vergelijkbare broeken, onder meer via de website van H&M AB.
De kern van het geschil was de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter, met name of de voorzieningenrechter in Dordrecht bevoegd was op grond van artikel 5 lid 3 van Pro de EEX-Verordening. De rechtbank en het hof oordeelden dat de rechter in Nederland bevoegd is omdat het schadebrengende feit zich in Nederland voordoet of kan voordoen, mede door de verkoop via de Nederland gerichte website van H&M AB.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep van H&M. De Raad benadrukte dat de plaats waar de schade intreedt (Erfolgsort) en de dreiging van inbreuk via internetverkoop in Nederland voldoende aanknopingspunten zijn voor rechtsmacht. Ook werd bevestigd dat de beoordeling van het hof in lijn is met de jurisprudentie van het Hof van Justitie EU, waaronder het arrest Wintersteiger.
Daarnaast behandelde de Hoge Raad vragen over de auteursrechtelijke bescherming van het ontwerp, de overdracht van auteursrechten aan G-Star en de verantwoordelijkheid van H&M AB voor de website. De klachten van H&M werden verworpen, waarbij het hof terecht het oordeel van de bodemrechter volgde. De conclusie luidde dat de Nederlandse rechter internationaal bevoegd is en dat de vorderingen van G-Star op auteursrechtbasis toewijsbaar zijn.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter voor de auteursrechtinbreukvordering tegen H&M via de website en winkels.